Compareerden als vooren Hendrik Blötz, van Wrisbergholzen [Duitsland], oud 26 Jaar, an de Niewmarkt, oudrs dood, geassisteert met Claas van den Berg,

Elisabet Kammeijer, van A[msterda]m, oud 22 Jaar, woont alsvoorn [als voren], oudrs dood, geassisteert met haar Broeder Harmanus Kammeijer.

 

(Sjabloontekst: Verzoekende hare drie Sondaagse uytroepingen...)

(Ondertekening:)

Henrik Blötz

Elisabet Kammeijer

Hendrik Blotz / Blatz / Boets (ca. 1733–1777)

 

Van Amsterdams Hamerwerk tot Caribische Orgels en Huiselijke Dramas: Het Leven van Instrumentenmaker Hendrik Blotz (ca. 1733–1777)

Wie achttiende-eeuwse archieven doorspit op zoek naar de pioniers van de muziekgeschiedenis, moet soms door een rookgordijn van wisselende spellingen heen kijken. De naam van één specifieke meester-instrumentenmaker aan de Amsterdamse Baangracht dreef jarenlang onder verschillende gedaanten boven: Blatz, Blotz, Bletz en zelfs Boets. Pas wanneer we krantenadvertenties, huwelijksakten, transportcontracten en getuigenverklaringen aan elkaar koppelen, ontstaat het portret van een fascinerende, veelzijdige meester. En van een man wiens laatste levensjaren werden overschaduwd door een diep persoonlijk drama.

 

 

De Duitse wortels en een historische primeur (1758–1759)

Dankzij Amsterdamse ondertrouwregisters weten we dat Hendrik Blotz rond 1733 werd geboren in het Duitse Wrisbergholzen. Op 5 april 1759 trad hij in Amsterdam in het huwelijk met de 22-jarige Elisabeth Kammeyer. Hij woonde toen aan de Nieuwmarkt, maar zou al snel naam maken als orgel- en instrumentenmaker vanuit zijn werkplaats aan de Baangracht (tussen de Spiegel- en Reguliersgracht).

 

 

Zijn naam is voorgoed verbonden aan een mijlpaal in de Nederlandse muziekgeschiedenis. Op 15 juli 1758 verscheen in de Amsterdamsche Courant een advertentie die geldt als de allereerste gedocumenteerde aanbieding van een fortepiano in de Lage Landen:

"HENDRIK BLATZ, Orgelmaker in de Baangragt, tusschen de Spiegel- en Reguliersgragt tot Amsterdam, presenteert uyt de hand te verkopen twee superbe Forte Piano, zynde Hamerwerk, met een extra-fraaye Toon en raare Uitvindingen."

 

Blatz manifesteerde zich hiermee niet alleen als vernieuwer in de vroege besnaarde hamerinstrumenten, maar werkte daarnaast aan prominente Amsterdamse kerkorgels, waaronder dat van de historische Oude Kerk.

 

Export over zee: Een orgel voor Curaçao (1764)

Dat zijn reputatie als orgelbouwer ver buiten de Amsterdamse stadsmuur reikte, bewijst een spectaculaire notariële akte uit oktober 1764 (opgemaakt door notaris Salomon Dorper). Onder de naam Hendrik Blots had hij een groot pijporgel vervaardigd dat bestemd was voor de Gereformeerde Kerk op Curaçao.

 

Het transport en de opbouw vroegen om een huzarenstukje. In het contract werden de meester-knechts Fredrik Staat en Dirk Hibbeler ingehuurd om per zeilschip ('d'Vriendschap, onder kapitein Roeloff Malmstroem) de Atlantische Oceaan over te steken. Zij kregen een riant salaris van vijftig gulden per maand, vrije kost, drank en inwoning op het eiland om het Amsterdamse orgel ter plaatse in de kerk op te bouwen.

 

De keerzijde: Drankmisbruik en verval in de Weteringdwarsstraat (1776)

Naast de triomfen in de werkplaats kende het leven van Hendrik Blotz ook een donkere, tragische kant. Hoe de dagelijkse realiteit er in zijn laatste jaren uitzag, blijkt op aangrijpende wijze uit een notariële getuigenverklaring van 18 maart 1776 (opgesteld door notaris Nathanaël Wilthuysen in de derde Weteringdwarsstraat).

 

 

Blotz zag zich genoodzaakt om onder ede getuigen – onder wie zijn zwager Harmanus Kammeyer en zijn knecht – te laten vastleggen dat zijn vrouw, Elisabet Kammeyer, al jarenlang kampte met een zwaar alcoholprobleem. De verklaringen schetsen een ontluisterend beeld:

 

Elisabet zou zich herhaaldelijk stomdronken op straat hebben begeven, luidruchtig en agressief.




Zij maakte ruzie met de buren, schold erop los en terroriseerde de omgeving.




Erger nog: om haar drankzucht te bekostigen, verkocht en verpande zij stiekem huishoudelijke spullen, kleren en zelfs gemaakte materialen van de orgelmakerij ver onder de waarde.




De getuigen waarschuwden dat als zij niet snel ergens op een veilige plek kon worden opgesloten, het voor haar man en kinderen volledig mis zou gaan.

 

Het vroege einde (1777)

Het huishoudelijke drama en de zorg over de zaak zullen zwaar hebben gedrukt op de gezondheid van de meester-orgelbouwer. Lang heeft Hendrik Blotz de vruchten van zijn pionierswerk niet kunnen plukken. Nog geen jaar na het pijnlijke getuigenis over zijn vrouw, op 3 januari 1777, wordt Hendrik Blotz, mr. orgelmaker in de derde Weteringdwarsstraat, begraven. Hij werd slechts 43 jaar oud.

 

 

Contract

 

 

Op heeden den Eersten October Des Jaers Sevenhonderd Vieren Zestig, Compareerden Voor my Salomon Dorper, openbaer Notaris tot Amsterdam, by den edele Hove van Holland geadmitteerd, ende voor de getuygen nagenoemd:

 

 

De Heer Hendrik Cannegieter, Sanst ter Eene [Sanst ter Eem], ter eenre,

 

 

ende Meester Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, ter andere zyde.

 

 

Dewelke verklaarden met elkanderen te zyn overeengekomen en gecontracteerd te syn, als volgt:

 

 

Namentlyk Dat zy, Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, te samen en ieder in 't biezonder aannemen en zich verpligten, om het Orgel dat Hendrik Blots voor de Gereformeerde Kerk tot Curaçao gemaakt heeft, en hetgeene nu staat gemonteerd/getransporteerd te worden met het schip 'd'Vriendschap' [of L'Amitie], Kapiteyn Roeloff Malmstroem, uyt te schepen [aldaer] in order te brengen en op te stellen, onder de navolgende condition:

 

 

Dat den voorn. Heer Cannegieter aanneemt, aan ieder van de Comparanten ter andere zyde te zullen doen genieten de sommen van Vyftig guldens Hollands Courant geld per maand van Dertig dagen, ieder maand te rekenen, te beginnen met den dag dat de comparanten ter andere zyde zich met de Lighter [lichter] aan boord van 't gedagte Schip zullen begeeven.

 

 

[Pagina 2 – Bepalingen over reis, verblijf en werk op Curaçao]

Sullend door den voorn. Heer Cannegieter aan de beyde comparanten ter laetster zyde bezorgt worden vry transport en passage heen en wederom, aen wien de Capiteyn goede Logement, Spys & Drank aen boord sal doen genieten, so goed als al het Scheepsvolk sal genieten.

 

Bekennende eender van de Comparanten ter andere zyde van den Heer Eerste comparant op hand ontvangen te hebben Drie en een halve Maand gagie, synde dus voor ieder Eenhonderd Vyffenseventig guldens, het geene op hunne te verdienen gagie sal valideeren.

 

 

Sodra de beyde Comparanten ter andere zyde op Curaçao zullen syn gearriveerd, en sodra het Orgel sal syn gelost, neemen sy aan aenstonds om het selve in de gereformeerde Kerk aldaar te plaetsen en voorts te werken met alle vlyt en zonder tyd verzuym.

 

 

Sullende de beyde Comparanten ter andere zyde, sodra het Orgel door hen in order en bruykbaer sal syn gesteld, soo legger sy met het Schip 'tycene de Heeren Philip Schooneboom & S. Scholten haar zullen aanwyzen, kunnen retourneeren, des begeerende vry van transport & passage, in welk geval haare Gagie sal dunnen tot de tyd dat sy lieden in een van dese Havens arriveeren, en langer niet.

 

 

En zullen opgemelde Heeren Schooneboom & Scholten aan de beyde comparanten ter laetster zyde, so lange sy tot Curaçao aen 't werk van de Orgel zullen syn, moeten bezorgen vrije Kost, Drank en Slaepplaets.

 

 

[Pagina 3 – Slotbepalingen & Ondertekening]

Sodra het Orgel in vereyschte ordre is gesteld, en de beyde Comparanten ter andere zyde rig in alles hebben gedraegen als brave Lieden betaemt, so zullen gemelde Heeren Schooneboom & Scholten aen hun mede geeven een attestatie van hun gedrag.

 

 

Indien de Comparanten ter andere zyde na die tyd in deereen mogten om te Curaçao te willen blyven, so zullen sy met goedvinden en overleg van meergemelde Heeren Schooneboom en Scholten dit Contract vermogen te annulleeren, en andere Condition maken, ofte afstant doen, dog niet eerder dan na dat het Orgel na genoegen in complete ordre is gebragt.

 

 

De Heeren Schooneboom en Scholten zullen verpligt syn aen de beyde Comparanten ter andere zyde alle maenden te betalen haere verdiende hiervoven bedongene Gagie, tot dat deselve weder aen boord gaan om naer Holland te retourneeren.

 

 

Laetslyk zullen de comparanten ter andere zyde, sodra sy tot Curaçao zullen syn gearriveert, gehouden syn hier aenstonds te addresseeren aen de by deese gemelde Heeren Schooneboom en Scholten aldaer, na weens ordres sy hun in alles zullen moeten gedraegen en opvolgen.

 

 

Tot nakominge van alle hetgeene hiervoren gecontracteerd, verbinden de wederzyde Comparanten hunne Personen ende Goederen als naer Regten.

 

 

Aldus gepasseert binnen Amsterdam in presentie van Jacobus Jacobs en Jan de Vries, als getuygen.

 

 

(Handtekeningen:)

Hend. Cannegieter




Fredrik Staat




Jan Dirk Hibbeler




Jacobus Jacobs (getuige)


Jan de Vries (getuige)


S. Dorper, Notaris




2. Modern Nederlands

Contract

 

 

Heden, de 1e oktober van het jaar 1764, verschenen voor mij, Salomon Dorper, openbaar notaris te Amsterdam (toegelaten door het Hof van Holland), en voor de hierna genoemde getuigen:

 

De heer Hendrik Cannegieter (wonende te Sanst ter Eem), aan de ene zijde,

 

en meester Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, aan de andere zijde.

 

Zij verklaarden met elkaar het volgende te zijn overeengekomen:

 

 

Namelijk dat zij, Fredrik Staat en Dirk Hibbeler, samen en ieder afzonderlijk de verplichting op zich nemen om het orgel dat Hendrik Blots heeft gemaakt voor de Gereformeerde Kerk op Curaçao – en dat nu klaarstaat om vervoerd te worden met het schip 'd'Vriendschap' onder kapitein Roeloff Malmstroem – daar ter plaatse uit te schepen, in orde te brengen en op te stellen, onder de volgende voorwaarden:

 

 

Salaris: De heer Cannegieter verbindt zich om aan elk van hen een salaris te betalen van 50 Hollandse gulden per maand (gerekend per maand van 30 dagen). Dit salaris gaat in vanaf de dag dat zij met de lichter aan boord gaan van het genoemde schip.


Reis & Verblijf: De heer Cannegieter zorgt voor de vrije overtocht en passage (heen en terug). De kapitein zal hun aan boord goed onderdak, eten en drinken verschaffen, van dezelfde kwaliteit als voor de rest van de scheepsbemanning.



Voorschot: Beiden bekennen alvast een voorschot van drieënhalve maand wedde (175 gulden per persoon) van de heer Cannegieter te hebben ontvangen, wat verrekenbaar zal zijn met het nog te verdienen salaris.



Werk op Curaçao: Zodra zij op Curaçao aankomen en het orgel is uitgeladen, zullen zij onmiddellijk beginnen met de opbouw en plaatsing in de Gereformeerde Kerk aldaar, en met alle vlijt en zonder tijdverlies doorwerken.



Terugreis: Zodra het orgel door hen in goede en bruikbare staat is opgeleverd, kunnen zij op de door de heren Philip Schooneboom & S. Scholten aangewezen boot naar Holland terugkeren (vrij van passagekosten). Hun maandloon loopt door tot de dag dat zij in een Nederlandse haven arriveren.




Onderhoud op het eiland: Zolang zij op Curaçao aan het orgel werken, zullen de heren Schooneboom & Scholten zorgen voor hun vrije kost, drank en slaapplek.


Getuigschrift: Bij een goede oplevering van het orgel en correct gedrag zullen de heren Schooneboom & Scholten hun een schriftelijke getuigschrift (attestatie) van goed gedrag meegeven.



Eventueel langer verblijf: Mocht een van hen na afloop op Curaçao willen blijven, dan kan dit contract in overleg met Schooneboom & Scholten worden ontbonden, maar pas nadat het orgel naar tevredenheid en volledig in orde is gebracht.