Multimedia Art Productions

urn-nbn-se-kb-digark-4774685.pdf-000


Louise Dulcken: de pianiste van Koningin Victoria
Een Hamburgs wonderkind in Londen
Louise Dulcken werd op 29 maart 1811 geboren als Louise David in Hamburg, in een welvarend koopmansgezin. Ze was de jongere zus van de latere beroemde violist Ferdinand David, die concertmeester zou worden van het Gewandhausorchester in Leipzig en aan wie Mendelssohn zijn beroemde vioolconcert opdroeg. Louise kreeg pianoles van Christian Schwencke en Friedrich Wilhelm Grund, en trad al op haar tiende voor het eerst in het openbaar op. In 1823 speelde ze in Berlijn, en in 1825 samen met haar broer in Leipzig — steeds met veel succes.
In 1828 trouwde ze met Theobald Dulcken en bekeerde zich bij die gelegenheid van het jodendom tot het protestantisme. Het paar verhuisde naar Londen, waar Louise de rest van haar leven zou wonen en werken.
Doorbraak in het Londense muziekleven
Haar eerste Londense optreden was in 1829 bij een van de soirees van Mr. Ella. Op 1 maart 1830 speelde ze bij de Philharmonic Society een concerto van Herz, en vanaf dat moment werd ze een van de meest prominente figuren in het Londense muziekleven. Ze gold als de eerste vrouwelijke pianiste die ooit optrad bij de Philharmonic Society.
Dulcken sprak vier talen (Duits, Engels, Frans en Italiaans) en was goed thuis in de literatuur van al die landen — een intellectuele bagage die haar reputatie als serieuze, diepgaande musicus versterkte, in een tijd waarin vrouwelijke pianisten vaak vooral als salonvermaak werden gezien.
Pianolerares van Koningin Victoria
Haar bekendste rol was die van pianolerares van Koningin Victoria. Onder haar vele leerlingen gold de koningin als de meest prominente. Ook de latere Amerikaanse pianiste en componiste Jane Sloman kreeg als kind les van haar en trad op met violist Paganini en pianist Sigismond Thalberg.
Het Hexameron-concert met Liszt
Een absoluut hoogtepunt in haar carrière was haar Annual Grand Morning Concert op 31 mei 1841 in de Great Concert Room van Her Majesty's Theatre, aangekondigd als concert van de "Pianiste to Her Majesty the Queen". Het programma bevatte onder meer Thalbergs Grand Fantasia op thema's uit La Donna del Lago, en als hoogtepunt de wereldpremière van een tweepianoversie van Liszts Hexameron — de beroemde variatiecyclus op een thema uit Bellini's I Puritani, gecomponeerd door Liszt, Thalberg, Chopin, Czerny, Herz en Pixis samen. Dulcken speelde dit stuk als duet met Liszt zelf.
De salon in Harley Street 19
Vanaf de vroege jaren 1840 hield Louise Dulcken regelmatig muzikale soirees en matinees in het woonhuis van het echtpaar op nummer 19 Harley Street in Marylebone, Londen — een chique straat die destijds vooral bekendstond als adres van adel, welgestelde kooplieden en geestelijken (pas later zou de straat uitgroeien tot Londens bekende artsenstraat). Theobald Dulcken exploiteerde het pand deels als een soort privéhotel of pension.
Componist en pianist Wilhelm Ganz beschreef als jongen hoe hij zijn vader in maart 1848 vergezelde naar deze soirees. In zijn dagboek noteerde hij op zondag 10 maart 1848 dat hij hoornist Steglich begeleidde op piano, terwijl ook violist Molique en componist Hector Berlioz aanwezig waren. Ganz herinnerde zich dat elke kamer van het huis een goede piano bevatte.
Door de politieke onrust van de Franse Revolutie van 1848 weken veel Parijse musici uit naar Londen, en velen van hen vonden hun weg naar Dulckens salon: onder anderen pianist Friedrich Kalkbrenner, de jonge Charles Hallé (die later het beroemde Hallé Orchestra in Manchester zou oprichten), pianist Wilhelm Kuhe, en Hector Berlioz met zijn vrouw, de Ierse Shakespeare-actrice Henrietta Smithson.
Een terugkerend nummer op deze avonden was
Mendelssohns Pianoconcert in g mineur, met kwintetbegeleiding. Ganz noemde dit stuk haar "cheval de bataille" (paradepaardje) en schreef dat zij het bijna als eerste bekend en populair had gemaakt in Engeland.
Ook componist Felix Mendelssohn zelf trad op in haar salon: een recensie in
The Musical World meldde dat een soiree ter ere van hem — met Mendelssohn zelf aan de piano en de jonge wonderviolist Joseph Joachim — zeer druk bezocht werd door vooraanstaande liefhebbers en kunstenaars.
Chopin en de vestiging van een canon
Dulcken speelde een belangrijke rol in het salonfähig maken van Chopins muziek in Engeland. Haar uitvoeringen van Chopins Pianoconcert in f mineur in 1845 werden door de pers geprezen; een recensent schreef dat haar interpretatie liet zien dat het niet nodig was om oppervlakkige muziek te spelen om een publiek te behagen, en dat zij de diepgaande kwaliteiten van Chopins werk recht deed.
Overlijden
Louise Dulcken overleed op 12 april 1850 in Londen, na een korte maar hevige ziekte — men schreef dit destijds toe aan overbelasting door haar veeleisende lesrooster en concertpraktijk. Ze werd 39 jaar oud.
Nalatenschap
Louise en Theobald Dulcken kregen zes kinderen, van wie er meerdere eveneens muzikaal actief werden, onder wie de pianisten Ferdinand Quentin Dulcken (1837–1901), die later in de Verenigde Staten werkte en aan het Steinway Hall in New York lesgaf, en Edward Dulcken, die in Leipzig studeerde bij zijn oom Ferdinand David.

Bronnen: A Dictionary of Music and Musicians (Wikisource); Sophie Drinker Institut; National Portrait Gallery Londen; UCL Survey of London (Harley Street); Lisa A. Withers, "Solo Piano Performances in London from 1837 to 1850" (West Virginia University, 2000); Wilhelm Ganz, Memories of a Musician: Reminiscences of Seventy Years of Musical Life (1913); Joseph Joachim biografieproject (josephjoachim.com).

Broadsides1
“Madame Louise Dulcken”, Illustration for The Illustrated London News, 20 January 1844.