Multimedia Art Productions

Scherm­afbeelding 2026-07-06 om 12.12.46

STIFTSKIRCHE ST GOAR - info

Hans Meijer

Johann Conrad Knöpfel - Sankt Goar

KNOPPFFEL


Om de wereld waarin Susanna Maria Knöpfel in 1706 opgroeide te begrijpen, moeten we kijken naar het leven en werk van haar vader: Johann Konrad Knöpfel (1662–ca. 1720). Als zoon van een protestantse predikant kreeg Johann Konrad een scherp verstand en een solide netwerk mee. In 1680 schreef hij zich in aan de Universiteit van Marburg, het intellectuele en theologische hart van protestants Hessen. Gewapend met deze academische achtergrond vestigde hij zich in het strategische Rijnstadje Sankt Goar. Hier bouwde hij een indrukwekkende carrière op die hem tot een van de meest invloedrijke burgers van de regio zou maken.

Scherm­afbeelding 2026-08-10 om 13.21.36
Conrad Knöpfels, Metropolitani zu Milsungen 1651

Conrad Knöpfel, geboren in Wolfershausen in 1662, ingeschreven aan de universiteit van Marburg in 1680, werd provisiecommissaris in het Hessische fort Rheinfels bij St. Goar.
Conrad Knöpfel trouwde Regina Magdalena Dirx op 29. April 1695. Conrad Knöpfel stierf voor 1721.

trouwen-johan-conrad

Den 7. April. sind zum ersten mal proclamirt worden, Herr Jo- han Conrad Knöpfel, Proviant=Meister, Herrn Conrad Knöpfels, Metropolitani zu Milsungen, ehelicher Sohn; und Jgfr. Regina Magdalena, Herrn Dieterich Diepers, Rath= gängers eheleibliche Tochter. Den 29. April. copulati. Den 16. Jun. sind zum ersten mal proclamirt.

Op 7 april zijn voor de eerste keer afgekondigd: Heer Johan Conrad Knöpfel, proviandmeester, wettige zoon van de heer Conrad Knöpfel, metropolitan (hoofdpredikant) te Melsungen; en jongedochter Regina Magdalena, wettige dochter van de heer Dieterich Dieper, raadslid. Op 29 april zijn zij in de echt verbonden.

Een protestantse sleutelfiguur onder katholieke heren

De politieke en religieuze situatie waarin Johann Konrad moest opereren, was hoogst complex. Sankt Goar en de daarboven gelegen, reusachtige burcht Rheinfels waren in theorie protestants gebied. Echter, door een erfenis binnen de vorstenfamilie van Hessen kwam de feitelijke macht in 1693 in handen van een strikt katholieke zijtak: het Huis Hessen-Wanfried. Eerst onder landgraaf Karel (1693–1711) and vanaf 1711 onder diens vrome zoon landgraaf Willem II, regeerden katholieke vorsten over een nagenoeg volledig protestantse bevolking.
Hoewel dit op papier een recept voor een godsdienstoorlog leek, was de praktijk verrassend pragmatisch. Dankzij oude verdragen (zoals de
Regensburger Rezeß) waren de rechten en bezittingen van de protestanten wettelijk beschermd. De katholieke landgraven mochten hun geloof uitoefenen in de kasteelkapel op de burcht en in een nieuwe kerk buiten de stadsmuren, maar zij moesten de protestantse burgers met rust laten. Om het gebied stabiel te houden en de belastingen binnen te halen, hadden de katholieke landgraven betrouwbare protestantse bestuurders nodig die het vertrouwen van het volk genoten. Johann Konrad Knöpfel was de perfecte man op de perfecte plaats.



De dubbelrol: Kerkelijke financiën en militaire logistiek

Johann Konrad bekleedde in Sankt Goar een cruciale dubbelrol. Ten eerste was hij de Stift-Kellner (stiftkelner) van de protestantse Stiftskirche. In deze invloedrijke functie beheerde hij de administratie, de uitgestrekte landerijen en de belastinginkomsten van het protestantse kerkkapittel. Dat een katholieke landgraaf als Willem II de controle over deze belangrijke protestantse geldstroom volledig aan Knöpfel overliet, bewijst hoezeer zijn integriteit en zakelijke vakkennis werden gerespecteerd.
Zijn tweede functie droeg nog meer verantwoordelijkheid: Johann Konrad was tevens de
Proviant-Commissair (bevoorradingscommissaris) van de burcht Rheinfels. Rheinfels was op dat moment een van de machtigste en belangrijkste militaire vestingen aan de Rijn, gebouwd om de constante dreiging van Franse invasies te weerstaan. Als proviantcommissaris was Knöpfel verantwoordelijk voor de gigantische logistieke operatie binnen het fort. Hij zorgde ervoor dat de militaire voorraden – van graan, vlees en bier tot munitie en buskruit – altijd op peil waren om een maandenlange belegering te kunnen doorstaan. In een tijd van constante oorlogsdreiging was dit een absolute vertrouwenspositie. Landgraaf Willem II wist dat het behoud van zijn strategische burcht letterlijk afhing van de logistieke precisie van zijn protestantse commissaris.

hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0001
Hessisches Landesarchiv complete files

🇳🇱

Consistoriale zaken nr. 148 C. Originele instructie voor de stiftskellner Knöpfel te St. Goar, 1701–1702.

hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0002


🇳🇱

Wij, bij de gratie Gods, landgraaf Karel van Hessen (prins van Hersfeld, graaf van Katzenelnbogen, Diez, Ziegenhain, Nidda en Schaumburg), maken bekend dat wij Johann Conrad Knöpfel hebben aangenomen en aangesteld als Stiftskellner bij ons Stift te St. Goar. Hij dient de doorluchtige vorst en heer Karel getrouw, gehoorzaam en dienstbaar te zijn.


hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0003



🇳🇱

Hij moet schade voor de vorst voorkomen, alle inkomsten van het stift (geld, wijn, graan of andere pachten en rechten) tijdig en nauwkeurig invorderen, registreren en verantwoorden. Hij dient jaarlijks verantwoording af te leggen van de stiftsrekening.


hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0004


🇳🇱

Hij moet de gebouwen van het stift in goede staat houden, gebreken of schade tijdig melden en laten herstellen. Hij mag niet toelaten dat rechten of inkomsten van het stift verloren gaan of misbruikt worden. Hij heeft dit alles met een lijfelijke eed beloofd en een schuldbekentenis/reversbrief getekend. In ruil daarvoor zal hij een jaarlijks salaris/traktement ontvangen.

hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0005



🇳🇱

(Papier-op-wassiegel op de onderzijde van het document)


Zolang hij stiftskellner te St. Goar is, ontvangt hij als jaarlijks traktement uit de opbrengsten van het stift: 5 rijksdaalders in geld, 6 malter koren, 3 malter gerst, 1 sommer erwten, evenveel wijn als een schoolmeester krijgt, brood- en was-deputaten, brandhout/kolen, enz., die hij naar gebruik moet delen/afrekenen met de superintendent en inspecteurs.
Oorkondelijk vastgesteld en voorzien van het secretariszegel van het Consistorie. Gegeven te Kassel, 1 januari 1701.

hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0006


🇳🇱

Aanvulling (Rescript van 31 juli 1702):
Nader besluit waarbij het traktement van Johann Conrad Knöpfel wordt gelijkgesteld aan dat van zijn voorganger, Johann Peter Treiber. Hierin worden extra natura-uitkeringen (extra malter koren, tarwe ter vervanging van prebendewijn, alsmede vergoedingen voor gevogelte/ganzen en scheepstol in geld) nader gespecificeerd en bevestigd ten overstaan van het consistorie en de overige stiftsdienders in St. Goar.

hstam_40_a_rubr._04_nr_5143_0007


🇳🇱

Aan hem, als de huidige Stiftskellner, moeten deze 3 sechster-malter koren en 3 malter gerst (ter vervanging van de prebendewijn), samen met een fuder koren (of de geldelijke vergoeding daarvan), alsmede de 20 rijksdaalders voor het tolrecht/de scheepvaart, retroactief vanaf januari van het voorgaande jaar 1701 worden toegekend, uitgekeerd en goedgekeurd.
Ten bewijze hiervan is deze brief opgemaakt en voorzien van het geheimzegel van het vorstelijk Consistorie.
Gegeven te Kassel, 4 juli 1702.





Stabiliteit in een gerespecteerd gezin

Terwijl Johann Konrad dagelijks laveerde tussen de belangen van de protestantse burgerij beneden in de stad en het katholieke hof boven op de burcht, bouwde hij aan zijn eigen gezinsleven. Op 29 april 1695 trouwde hij in de Stiftskirche met Regina Magdalena Dirx (een dochter uit een solide, lokaal-regionaal protestants milieu).
In dit welgestelde, hoogopgeleide en gerespecteerde gezin van de stiftkelner werd op 11 september 1706 hun dochter Susanna Maria Knöpfel gedoopt. Zij groeide op in een wereld waar cultuur, religieuze tolerantie, bestuurlijke verantwoordelijkheid en muziek hand in hand gingen. Het was deze specifieke, intellectuele protestantse opvoeding onder de rook van burcht Rheinfels die de basis legde voor haar latere leven en haar huwelijk in 1733 met de begaafde domineeszoon en klavecimbelbouwer Johann Daniel Dulcken.









Conrad Knöpfel, geboren in Wolfershausen in 1662, ingeschreven aan de universiteit van Marburg in 1680, werd provisiecommissaris in het Hessische fort Rheinfels bij St. Goar.
Conrad Knöpfel trouwde Regina Magdalena Dirx op 29. April 1695. Conrad Knöpfel stierf voor 1721.

trouwen-johan-conrad

Den 7. April. sind zum ersten mal proclamirt worden, Herr Jo- han Conrad Knöpfel, Proviant=Meister, Herrn Conrad Knöpfels, Metropolitani zu Milsungen, ehelicher Sohn; und Jgfr. Regina Magdalena, Herrn Dieterich Diepers, Rath= gängers eheleibliche Tochter. Den 29. April. copulati. Den 16. Jun. sind zum ersten mal proclamirt.

Op 7 april zijn voor de eerste keer afgekondigd: Heer Johan Conrad Knöpfel, proviandmeester, wettige zoon van de heer Conrad Knöpfel, metropolitan (hoofdpredikant) te Melsungen; en jongedochter Regina Magdalena, wettige dochter van de heer Dieterich Dieper, raadslid. Op 29 april zijn zij in de echt verbonden.


scherm00adafbeelding-2025-08-15-om-13.25.14
Taufeintrag Susanna Maria Knöpfel - transcriptie Dr. Johannes Burkardt
Complete

Den 11 t[en] [Novem]bris wurde Don[n]erstag Nachmittags zwisch[en] 12 u[nd] 1 Uhren
nach gehaltener
Beth=Stunde in öffentl[icher] Versam[m]lung getaufft Susanna Maria,
H[errn] Johann Conrad Knöpffels, Proviant-Com[m]issarii u[nd] Stiffts=
Kellners allhier Töchterlein. Gevattern waren Herr Oswald
Wollff, Nachgänger am hiesigen Hoch=Fürstl[ichen] Gesam[m]t-Rhein=
Zoll, u[nd] Fr[au] Maria Barbara, H[errn] Samuel Kellers, Stadt=
Lieutenants allhier ehel[iche] Hauß-Frau, wie auch H[errn] Pfarrers Geissel
Fr[au] Eheliebste von Wollroda
des H[errn] Vatters Schwester.*
* Die letzten 12 Wörter mit blasserer Tinte später nachgetragen.



Historische reconstructie: De leefomgeving en maatschappelijke transitie van Susanna Knöpffel



Inleiding

De jeugd van Susanna Knöpffel speelde zich af binnen de administratieve en religieuze kern van Sankt Goar. Haar vader, Johann Conrad Knöpffel, bekleedde twee invloedrijke overheidsposten:
Stift-Kellner (hoofdbeheerder) van het kapittel en Proviant-Commissair op de burcht Rheinfels. Hierdoor behoorde het gezin tot de lokale bestuurlijke elite.



Huisvesting en de Stiftskellerei

Als hoofdbeheerder was haar vader verantwoordelijk voor de belastinginning, de pachtopbrengsten en het vastgoed van de kerk. De officiële dienstwoning en het kantoor (de
Stiftskellerei) bevonden zich direct op het complex. Op historische kaarten is te zien dat het gezin woonde in de direct aan de kerk grenzende gebouwen, aangeduid als het Clofter (Klooster) of de Aptey (Abdij). Dit was geen rustig privémilieu, maar een functioneel administratief centrum. Er was een constante stroom van boeren, handelaren en ambtenaren die belasting in natura (zoals wijn en graan) kwamen afdragen.



Logistiek en infrastructuur rond het huis

Het dagelijks leven van het gezin werd logistiek bepaald door de omliggende infrastructuur. Aan de noordzijde vormde de
Obere-Straße de belangrijkste verkeersader door de stad voor transport en reizigers. De Heiligen Gasse aan de westkant begrensde het kloostercomplex en bood een directe, rustigere route richting de markt en het Rathhauss (Stadhuis) in de benedenstad. De Wacher (de stadsbeek) liep direct langs de abdij en diende voor de watervoorziening en afwatering van het complex.



Religieuze en maatschappelijke verplichtingen

De
Grose Kirch. (de protestantse Evangelische Stiftskirche) stond centraal in het openbare leven van het gezin. Vanwege de hoge maatschappelijke status van haar vader had de familie een vaste, gerespecteerde plaats in het schip van de kerk. Zij waren aanwezig bij alle officiële protestantse kerkdiensten en ceremoniën. De wekelijkse gang naar de kerk bepaalde de sociale contacten van Susanna binnen de hogere burgerij van Sankt Goar.



De relatie met de burcht Rheinfels

Hoewel de administratieve basis van het gezin in de benedenstad lag, was er een directe functionele lijn met de militaire top. De
Alte Burg en de hoger gelegen vesting Rheinfels waren de plekken waar haar vader de militaire voorraden beheerde. Dit betekende dat de familie Knöpffel nauwe banden onderhield met zowel de kerkelijke als de militaire autoriteiten van het graafschap Hessen-Kassel. Binnen dit strikt georganiseerde, bestuurlijke netwerk groeide Susanna op.





Rheinfels scherp

🇩🇪🇳🇱
hstam_40_a_rubr._nr_5144_0004
Hessisches Landesarchiv complete files

Uffßner
Nachdem Ihro Hochfürstl[iche] D[urchlaucht] unser gnädigster Fürst und Herr demwege mittels unterm Sub dato Cassel den 20.t[en] Jany 1707 ausgegangenen gnädigsten ertheilten Rescripts dem Proviantmeister Knöpfel auf die durch anderweite Beförderung des bisherigen Brandsteuer-Einnehmers in der Nieder Grafschaft Catzenelnbogen Hermann Winolds erledigte Brandsteuer-Ein- hebung nebst seiner vorigen Bedienung in gnaden con- feriret, derselbe auch auf solche seine Bedienung bey hies[iger] Land-Cammerey be- sugt Pflicht genommen worden; Als ist Uffßnern begehren hiermit an Euch gehörige Verfügung zu
(Marge aan de linkerzijde:) x worauf er erst vor alles das Cassa-Geld gehörige Caution einlegen soll &c. will

hstam_40_a_rubr._nr_5144_0005

thun, daß derselbe als Brandsteuer Einnehmer im Cammertheil in besagter Nieder Grafschaft Catzen- elnbogen respectivè auch ihm alle bey des umrigon Brandsteuer Einneh- mer Winolds bisherigem derer Brandsteuer-Haltern be- eingelassene verrestiren- den gegen dessen Scheyn und Quittung abführen müssen, Wie Ihr dann auch denselben bey solcher sei- ner Bedienung auf den erfordernden Fall besördr[ig] zu assistiren, und das Herrschaftliche Interesse sowohl darby als übrigens nicht verfehlen werdet.
Dat[um] Cassell d. 2t[en] Febr[uarii] 1707
D. HAML...
(Handtekening) G. Otto Cuno (Handtekening)
(Marge aan de linkerzijde:) x Von dem so bißherigen Einnehmer Weil die Cassa-Taxation worauf Ihm allen die Einnahme gehabt die selbigen gehörig Einnahm-Rechnung abgelegt pro 1707
von dem Rath Debell Zu Drots Güter

🇳🇱

Uffßner, Nadat Zijne Hoogvorstelijke Doorluchtigheid, onze genadigste vorst en heer, via een rescript gedateerd te Kassel op 20 januari 1707, de inning van de brandbelasting in het graafschap Neder-Katzenelnbogen—die was vrijgekomen door de overplaatsing van de vorige belastingheffer Hermann Winold—naast zijn vorige functie heeft toegewezen aan proviandmeester Knöpfel, en hij voor deze functie bij de landskamer de vereiste eed heeft afgelegd;
Wordt u, Uffßner, hiermee verzocht de nodige maatregelen te treffen zodat men als brandbelastingheffer in het genoemde graafschap Neder-Katzenelnbogen alle nog openstaande achterstallige brandbelastingen die onder de vorige belastingheffer Winold zijn blijven liggen, tegen afgifte van zijn bewijs en kwitantie aan hem afdraagt. Ook dient u hem bij de uitoefening van zijn functie waar nodig bij te staan en te zorgen dat het vorstelijke belang daarin en overigens niet uit het oog wordt verloren.
Gedateerd te Kassel, 2 februari 1707.
(Kanttekeningen): x Waarop hij eerst voor al het kasgeld een gepaste borgsom moet storten enz. x Van de vorige belastingheffer, omdat de kassetaksatie waarop hem alle inkomsten toebehoren, de betreffende eindrekening van inkomsten heeft ingediend voor 1707. Van raad Debell bij de landgoederen van Drot.



🇳🇱

Het spoor naar de Proviandmeester: Hoe een archiefstuk uit 1707 de wondere wereld van de Dülckens onthult
Een vergeeld vel papier uit de archieven van Hessen-Kassel, gedateerd op 2 februari 1707, lijkt op het eerste gezicht een gortdroge ambtelijke mededeling. Maar voor wie tussen de sierlijke lussen van het achttiende-eeuwse Kurrent-schrift door kijkt, vormt dit document een cruciale spil in het historische netwerk rond de beroemde klavecimbelbouwersfamilie Dülcken.
Het rescript uit Kassel legt het besluit vast van de landgraaf:
Johann Conrad Knöpfel, proviandmeester op de machtige vesting Burg Rheinfels bij Sankt Goar, krijgt er een belangrijke taak bij. Hij wordt aangesteld als de nieuwe Brandsteuer-Einnehmer (ontvanger van de brandbelasting) voor de gehele Niedergrafschaft Katzenelnbogen. Deze functie was vrijgekomen na de overplaatsing van zijn voorganger, Hermann Winold. Voordat Johann Conrad aan de slag mag, dient hij bij de Land-Cammerey een borgsom in te leggen voor het kasgeld en de eed af te leggen—een bewijs van de grote financiële verantwoordelijkheid en het vertrouwen dat de landgraaf in hem stelde.
Een regionaal netwerk over de Rijn De reikwijdte van deze functie is fascinerend. De Niedergrafschaft Katzenelnbogen strekte zich uit over beide oevers van de Rijn. Dat betekende dat Johann Conrad Knöpfel vanuit Sankt Goar niet alleen het gezag voerde over de linker oever, maar ook belasting inde in de dorpen aan de overzijde van de rivier—waaronder het nabijgelegen Weisel.
In Weisel zwaaide op dat moment Pfarrer Johan Jacob Schramm de scepter over de protestantse gemeenschap. Als overkoepelend belastingontvanger en hoogwaardigheidsbekleder stond Johann Conrad in nauw contact met dorpsbestuurders en geestelijken in de gehele regio. Het kan bijna niet anders of hij en Pfarrer Schramm hebben elkaar persoonlijk gekend en ontmoet.
De menselijke tragedie en de opvolging Juist in Weisel kruisten de paden van de families zich al eerder op intieme wijze. Vader Georg Ludwig Dülcken sloot daar zijn huwelijk. Binnen een week na dat huwelijk sloeg het lot echter toe: hun pasgeboren zoontje, genaamd Johann Daniel, kwam te overlijden. Volgens het goede gebruik van die tijd werd de vernoeming doorgegeven: de zoon die kort daarna werd geboren, kreeg opnieuw de naam Johann Daniel Dülcken.
Deze tweede Johann Daniel zou later uitgroeien tot een van de meest meesterlijke en gezochte klavecimbelbouwers van de achttiende eeuw. En de cirkel van het netwerk rond Sankt Goar en Weisel sloot zich definitief toen deze jonge instrumentenmaker trouwde met
Susanne Maria Knöpfel—de dochter van niemand minder dan de proviandmeester en belastingontvanger uit ons document, Johann Conrad Knöpfel!
Het archiefstuk uit 1707 is daarmee veel meer dan een ambtelijke overdracht van taken. Het is het klinkende bewijs van de maatschappelijke, geografische en financiële fundamenten waarop de familie Dülcken haar netwerk bouwde—een hechte kring van ambtelijke elite en geestelijken aan de oevers van de Rijn, die uiteindelijk de weg vrijmaakte voor een van de grootste namen uit de historische instrumentenbouw.



🇳🇱

Aanvullend kader: Wie was Uffßner?
Om de bestuurlijke reikwijdte van het decreet van 2 februari 1707 volledig te begrijpen, is het verhelderend om te kijken naar de geadresseerde:
Uffßner.
Uffßner was de landgrafelijke
Amtmann (of rentmeester) van het lokale bestuursdistrict (Cammertheil) in de Niedergrafschaft Katzenelnbogen. In de hiërarchie van het landgraafschap Hessen-Kassel nam de Amtmann de sleutelrol op lokaal niveau in om besluiten uit Kassel op de werkvloer uit te voeren. Het decreet is specifiek aan hem gericht om de overdracht in de praktijk te sturen:

  • Regie over de overdracht: Uffßner kreeg de opdracht om de officiële overdracht van de taken van de vorige belastingheffer Hermann Winold naar de pas benoemde proviandmeester Johann Conrad Knöpfel te organiseren.

  • Financieel toezicht: Hij moest controleren dat alle openstaande achterstallen van de brandbelasting correct aan Knöpfel werden afgedragen. Ook zag hij erop toe dat Knöpfel de vereiste borgsom (Caution) bij de landskamer stortte voordat hij het beheer over de kasgelden kreeg.

Uffßner was daarmee de lokale bestuurlijke spil die zorgde voor de vlekkeloze werking van het financiële netwerk tussen het hof in Kassel, de vesting Burg Rheinfels en de omliggende Rijndorpen zoals Weisel.






scherm00adafbeelding-2025-08-15-om-13.25.14
Taufeintrag Susanna Maria Knöpfel - transcriptie Dr. Johannes Burkardt
Complete

Den 11 t[en] [Novem]bris wurde Don[n]erstag Nachmittags zwisch[en] 12 u[nd] 1 Uhren
nach gehaltener
Beth=Stunde in öffentl[icher] Versam[m]lung getaufft Susanna Maria,
H[errn] Johann Conrad Knöpffels, Proviant-Com[m]issarii u[nd] Stiffts=
Kellners allhier Töchterlein. Gevattern waren Herr Oswald
Wollff, Nachgänger am hiesigen Hoch=Fürstl[ichen] Gesam[m]t-Rhein=
Zoll, u[nd] Fr[au] Maria Barbara, H[errn] Samuel Kellers, Stadt=
Lieutenants allhier ehel[iche] Hauß-Frau, wie auch H[errn] Pfarrers Geissel
Fr[au] Eheliebste von Wollroda
des H[errn] Vatters Schwester.*
* Die letzten 12 Wörter mit blasserer Tinte später nachgetragen.
1.
Heirat von Conrad Knöpfel und Regina Magdalena Dirx am 29. April 1695 (KB 149/1, S. 255);
  2.
Taufe von Dietrich Conrad Knöpffel am 9. Februar 1696 (KB 149/1, S. 105);
  3.
Taufe von Maria Sophia Christiana Knöpfel am 9. November 1697 (KB 149/1, S. 116);
  4.
Taufe von Anna Margaretha Elisabeth Knöpffel am 24. September 1699 (KB 149/1, S. 125);
  5.
Taufe der am 18. April 1701 geborenen Anna Getrud Henriette Knöpfel (KB 149/1, S. 130);
  6.
Taufe von Johann Christian Ludwig Knöpffel am 21. Juni 1703 (KB 149/1, S. 137);
  7.
Taufe von Johann Henrich Werner Knöpffel am 23. Dezember 1704 (KB 149/1, S. 142);
  8.
Taufe der am 16. Mai 1709 geborenen Anna Christina Dorothea Knöpfel (KB 149/1, S. 158);
  9.
Taufe der am 28. Februar 1711 geborenen Maria Elisabeth Knöpffel (KB 149/1, S. 162);
  10.
Taufe von Johann Ludwig Knöpffel am 29. Dezember 1712 (KB 149/1, S. 168);
  11.
Taufe des am 22. November 1714 geborenen Johann Wollrath Knöpfel (KB 149/1, S. 177).